Dialoog Amsterdam Slotervaart: ‘Ik vind dat een homostel dingen thuis moet doen en niet op straat!’

Op vrijdag 16 december 2011 organiseert Stichting Malaica i.s.m. jongerencentrum de Matrixx in Amsterdam Slotervaart een dialoogavond. Een groep van 20 tot 25 jongens en meisjes, tussen de 14 en 26 jaar, gaat met elkaar in gesprek over homo-emancipatie. De jongeren zijn van Marokkaanse, Tunesische, Turkse en Nederlandse afkomst.

De dialoogbegeleider, Nadia Benanni, opent het gesprek en vertelt wat over de aanleiding van deze dialoog. Daarna is er een kort voorstelrondje want de meeste jongeren kennen elkaar van het jongerencentrum. De meerderheid van de groep bestaat uit jongens.

De avond begint met het verhaal van ervaringsdeskundige, Peter van Maaren. Peter is een homoseksueel van Nederlandse afkomst. De jongens stellen heel veel vragen; ‘hoe wist je dat je homo was?’, ‘raak je opgewonden van pornofilms waarin je naakte vrouwen ziet?’, ‘is homoseksualiteit een soort van ziekte?’, hierop reageert een jongeman ‘het is geen ziekte, maar je hebt vrouwenhersens, dat heb ik bij biologie geleerd!’

Benanni vraagt aan een van de jongens of hij vindt dat een homokoppel een kind mag hebben. Hierop antwoord een jongen: ‘Ik vind van niet. Het is zielig voor het kind, hij wordt gepest. Een baby heeft moederliefde nodig, daarom vind ik het niet kunnen’.

Op de stelling ‘wat zou je doen als je beste vriend/vriendin homo blijkt te zijn?’ reageert een van de jongens ‘vriend is vriend, zou mij niets uitmaken’. Andere reacties zijn; ‘ik zou geen vriend meer van hem zijn, ik zou er niet mee kunnen leven’, hierop reageert een jongen van 14, de jongste van de groep, ’ik zou het accepteren’ waarop de groep begint te applaudiseren.

Op de volgende stelling ‘Ik vind homoseksualiteit prima, als ze maar niet aan me zitten’ moet de groep staan als ze het ermee eens zijn. De meeste jongens staan massaal op. ‘Ze mogen doen wat ze willen, het is hun ding’ zegt een jongeman.

Benanni vraagt aan de groep of ze er voor uit zouden komen als ze homo zouden zijn; ‘Ik zou zelfmoord plegen’, ‘ik zou er niets mee doen’ en de rest reageert dat ze er voor uit zouden komen.
Op de vraag ‘wat zou je doen als je zoon homo zou blijken?’ wordt het ineens rumoerig. Een van de jongerenwerkers reageert hierop ‘ik zou zeggen; je bent het ok, maar uit het niet’. De andere jongerenwerker vertelt de groep ‘jongens jullie praten wel stoer, maar als je straks zelf vader bent, zal je begrijpen dat vaderliefde altijd zal blijven’. Hierop zegt een van de jongens dat hij zijn zoon naar Marokko zou sturen en niets meer met hem te maken zou willen hebben.

Een van de jongerenwerkers, een meisje van Marokkaanse afkomst vertelt haar ervaring met dialogen over homoseksualiteit; ‘laat iedereen in zijn eigen waarde, als je van mannen houdt of vrouwen, dat maakt niet uit, je moet elkaar respecteren’. De groep applaudiseert en met deze positieve reactie wordt de dialoog afgesloten en kan de afterparty beginnen!

 

Verslagen 2010-2011