Dialoog in Oss: ‘Hou het voor jezelf’

Op woensdag 21 december 2011 organiseerde de culturele vereniging Haci Bektas Veli -een vereniging van Alevitische jongeren in Oss- in samenwerking met De Dialoog een bijeenkomst. Er waren 25 jongens en meisjes van Turkse afkomst, die voor het eerst een gesprek zijn aangegaan over homoseksualiteit.

foto dialoog_oss 

De dialoogbijeenkomst wordt geopend door dialoogbegeleider Zaitoon Shah, die het gesprek begint met een inleiding en korte achtergrond. Vervolgens vraagt ze aan de groep wat het eerste woord is wat in hen opkomt bij het horen van het woord ‘homoseksualiteit’. De reacties hierop: vrouwelijk, life, modebewust, bitchy, raar, stereotype, scheldwoord, veilig, fout, pesten.

De avond wordt voortgezet door de vertoning van een korte-film ‘Geloof in Liefde’ waarin een interview te zien is met Orhan Bucakli. Zaitoon vraagt aan de groep op te schrijven wat ze er van vonden, de reacties zijn pittig, maar ook begripvol; ‘Hij heeft gedaan wat hij wilde, er zijn ook mensen die het hun leven lang geheim houden’. Een van de meiden roept ‘hou het voor jezelf, tot de dood, dan moet je maar ongelukkig zijn’. Hierop reageert een ander meisje; ‘ik probeer mezelf in zo iemand te verplaatsen, stel je voor dat ik een leven en bed moet delen met iemand van het andere geslacht waar je niet op valt, ik pleeg nog liever zelfmoord’. Hierop reageert hetzelfde meisje weer ‘homo’s hebben allemaal iets meegemaakt, die zijn niet normaal’, ‘ik vind het niet acceptabel in verband met mijn geloof’, ‘ik denk zelf ook dat het een afwijking is’ reageert een jongen. ‘Als ze maar uit de buurt blijven, voor de rest interesseert het me niet’ zegt een meisje hierop.

Op de stelling ‘homo’s en hetero’s zijn gelijk’ zijn de reacties positief; ‘ik vind ze gelijkwaardig, maar niet gelijk’, de rest van de groep beaamt dit. Hierop zegt een jongen ‘beiden zijn mensen, maar ze voelen zich anders’, ‘ze zijn niet gelijk, veel mensen zouden willen van wel, maar de realiteit toont ons het integendeel’ reageert een andere jongen.

De stelling ‘ik zou het helemaal niet erg vinden als mijn kind homoseksueel zou zijn’, gaat er gelijk een hand omhoog ‘ja, ik zou het echt niet erg vinden!’ zegt een jongen. Daarop komen de nodige reacties; ‘ik zou het niet accepteren, het hoort niet in onze cultuur’, een ander zegt ‘wat vraag je me, gaat mijn cultuur voor mijn kind?’, een ander zegt: ‘ik ben er niet mee opgevoed en ik zou het niet willen’, een ander reageert ‘maar het blijft toch jouw kind, waarom maak je dan een kind?’ vraagt iemand zich af.

De laatste vraag van de dialoogbegeleider is of de groep de reden van aanwezigheid wil opnoemen; iemand zei ‘het moet van me zus’ een ander zei ‘uitgenodigd en ik wilde de verschillende meningen horen’. Een ander zei ‘ik zit in de jongerenraad, dus het leek me verantwoord’, iemand anders zegt ‘deelnemen aan het debat en taboes doorbreken’, maar anderen zeiden ‘ik was toevallig in de buurt’, ‘voor de gezelligheid’, ‘om de meningen te horen van anderen’.

Uiteindelijk werd de avond afgesloten met positieve feedback: de bijeenkomst was ‘leerzaam’, ‘geeft een bredere kijk op homoseksualiteit’ en ‘het was goed dat we hier samen zijn’ en: ‘het is leuk om zo een bijeenkomst vaker organiseren’.

 

Verslagen 2010-2011