Dialoog met Ghanezen in Amsterdam-zuidoost: ‘Homoseksualiteit hoort erbij.’

Homoseksualiteit is een gevoelig onderwerp in de Afrikaanse gemeenschap. Dit geldt ook voor de Ghanezen, waarvan een belangrijk deel in Amsterdam-zuidoost woont. Voor het Humanistisch Verbond was dit de reden om samen met de Ghanese organisatie ‘Recogin’ een drietal dialogen te organiseren. De laatste dialoog in deze serie vond plaats op 6 mei 2011 in het kantoor van Recogin in Amsterdam-zuidoost. Nouredin Alhassan, bestuurder van Recogin, had de leiding. Een twintigtal deelnemers, waaronder 2 lesbiennes, ging toen in dialoog over het thema ‘opvoeding en homoseksualiteit’. Een eerder uitgevoerde inventarisatie onder de achterban van Recogin had aangetoond dat veel Ghanese ouders worstelden met het onderwerp homoseksualiteit. Hoewel ze dit onderwerp liever niet bespraken met hun kinderen, werden deze er toch via de school, vrienden en media mee geconfronteerd. De dialoog begon dan ook met de vraag of ouders het onderwerp homoseksualiteit zelf moeten bespreken met hun kinderen of overlaten aan anderen: de school, bijvoorbeeld. De conclusie was dat ouders dit onderwerp het beste zelf met hun kinderen konden bespreken. Uit ervaringen van een aantal deelnemers bleek dat ouders dan wel over de juiste informatie over homoseksualiteit moesten beschikken. Goed bedoelde maar onjuiste informatie over homoseksualiteit richt waarschijnlijk grotere schade aan dan het ontbreken daarvan. Duidelijk werd ook dat informatie over homoseksualiteit het beste gegeven wordt in thuissituaties waarin seksualiteit een bespreekbaar onderwerp is. Indien dit niet het geval is, zal homoseksualiteit een moeilijk bespreekbaar onderwerp blijven. In de dialoog werd ook stilgestaan bij kinderboeken waarin er sprake is van relaties tussen mensen van hetzelfde geslacht. De vraag was of deze boeken wenselijk waren en door de deelnemers gebruikt zouden worden om hun kinderen te informeren over homoseksuele relaties. Als voorbeeld werd een boek genoemd waarin er geen sprake is van een relatie tussen een prins en een prinses maar 2 prinsen verliefd op elkaar zijn. De meerderheid van de deelnemers vond dit te ver gaan. Zij waren van mening dat ouders hun kinderen moeten beschermen tegen de opvatting dat homoseksualiteit iets normaals is. Eén van de aanwezige lesbiennes legde uit dat haar moeder haar seksuele geaardheid geaccepteerd had hoewel het voor haar niet te begrijpen was. Ook deze uitleg bracht de aanwezigen echter niet op een andere gedachte. In de periode waarin de dialoog plaatsvond, was er in de Venserpolder in Amsterdam-zuidoost sprake van het wegpesten van een homoseksuele man door buurtgenoten. Deze actuele gebeurtenis was een goede aanleiding voor de aanwezigen om in dialoog te gaan over opvoeding als middel om homogerelateerd geweld te voorkomen. Door alle deelnemers werd de agressie tegen homoseksuelen afgekeurd. In de opvoeding van hun kinderen zou er nooit ruimte zijn voor agressie tegen homoseksuelen. Hoewel zij zich duidelijk uitspraken tegen het geweld waren er ook deelnemers die van mening waren dat homoseksuelen zich moeten inhouden en zich dus minder opvallend moeten gedragen. Hiermee werd echter niet het geweld tegen homoseksuelen goedgepraat. Ten slotte werd uitgebreid stilgestaan bij de vraag: ‘wat geven we onze kinderen mee over homoseksualiteit?’. Respectvol zijn naar anderen, was de meest gehoorde wens. Sommige deelnemers gaven aan dat ze vaker van hun kinderen wilden weten wat er aan seksuele voorlichting op scholen gegeven wordt. Zij zouden hun informatie over seksualiteit daar dan op laten aansluiten. Het komt nogal eens voor dat deelnemers hun kinderen van informatie voorzien die sterk afwijkt van hetgeen ze op school hebben meegekregen. Conclusie: - De aanwezige Ghanese ouders beseffen dat zij niet kunnen verhinderen dat hun kinderen te maken krijgen met het thema homoseksualiteit. Ouders zijn bereid om zelf de informatie over homoseksualiteit aan hun kinderen te geven. Daartoe zullen zij zelf voldoende over homoseksualiteit moeten weten en thuis een veilige sfeer moeten creëren waarin seksualiteit bespreekbaar is.
|