Dialoog met rastafari’s in Amsterdam-oost: 'Het gaat altijd over mensen'‘

 foto rastafarian

De dialoog die gehouden werd op 15 juli 2011 in Amsterdam-oost was een zeer bijzondere. Niet alleen vanwege de locatie: een café dat voornamelijk bezocht wordt Afro-Surinamers, ook werd met deze dialoog een serie van drie dialogen - georganiseerd door het Humanistisch Verbond en Franklin Esajas van SME-TV - afgesloten. Het 15-koppige publiek bestond deels voornamelijk uit mensen die zich tot het rastafari geloof rekenen. Eén daarvan was afkomstig uit Jamaica. Onder de deelnemers waren er 4 homoseksuele mannen en Lilian Panka trad op als dialoogbegeleider.

Tijdens de dialoog werden veel thema’s besproken. Daarbij liepen de emoties soms hoog op. Toch resulteerde dit in een minder bevooroordeelde kijk op homoseksualiteit en onderwerpen die daar mee samenhangen. Dit resultaat was vooral te danken aan de inbreng van de homoseksuele mannen. Hun levensverhalen en ervaringen waren het bewijs dat er over homoseksualiteit heel veel onwetendheid bestaat.

 

Zo waren er deelnemers die van mening zijn dat homoseksuelen geen kinderen mogen adopteren. Zij vreesden dat deze kinderen een homoseksuele levenswijze opgedrongen zouden krijgen. Volgens sommigen betekent dit het einde van de wereld. Aan de hand van een praktijkvoorbeeld werd echter aangetoond dat kinderen van homoseksuele stellen wel degelijk als hetero’s door het leven kunnen gaan.

Ook werd besproken of homoseksualiteit een keuze is of al bij de geboorte bepaald is. Een eenduidige conclusie viel hier niet te trekken. Homoseksualiteit was voor de aanwezige homoseksuelen geen keuze. In de Surinaamse gemeenschap zijn er echter talloze voorbeelden van vrouwen die na ongelukkige heterorelaties kozen voor een lesbische relatie.

Stilgestaan werd bij het verschil in beleving van homoseksualiteit in Suriname en Nederland. In Suriname wordt homoseksualiteit meestal beschouwd als een niet noemenswaardige handeling waar geen ruchtbaarheid aan wordt gegeven. In Nederland daarentegen wordt homoseksualiteit veel vaker beschouwd als een totale identiteit met daarbij behorende rituelen en zichtbare levensstijl. Deze levensstijl leidde bij sommige deelnemers weer tot de klacht dat homoseksualiteit wordt opgedrongen aan de rest van de samenleving. Belangrijkste conclusie bij dit thema: dé homoseksueel bestaat niet. Er zijn homoseksuelen die kiezen voor een onopvallend bestaan terwijl anderen juist kiezen voor het tegenovergestelde.

Grote consternatie ontstond toen de Jamaicaan stelde dat homoseksualiteit het resultaat is van een ‘mental disorder’: een mentale afwijking. In de daarop volgende dialoog kon hij deze uitspraak geenszins waarmaken. Geen van de aanwezige homoseksuelen kon als mentaal afwijkend worden gezien.

Over bestande homovijandige reggaemuziek werd ook gesproken. Dit muziekgenre is erg populair onder rastafari’s en Afro-Surinamers en komt oorspronkelijk uit Jamaica -een land waar homo's hun leven niet zeker zijn. Bemoedigend was de conclusie dat geen van de aanwezigen zich negatief laat beïnvloeden door de vijandige teksten. Die worden door hen beschouwd als iets was niet serieus moet worden genomen.

Ook in deze dialoog was het opvallend dat deelnemers die zich kritisch uitlieten over homoseksualiteit tegelijkertijd afwijzend staan tegenover openlijke afwijzing, geweld tegen en discriminatie van homoseksuelen. Men vindt op z’n minst dat er respect moet zijn voor homoseksuelen en een enkeling is zelfs voorstander van acceptatie. Het is best mogelijk dat de deelnemers deze opvattingen reeds voorafgaande aan de dialoog hadden. De kans bestaat echter dat zij zich ook positief hebben laten beïnvloeden door de inbreng van de homoseksuele deelnemers. Eén daarvan hield een sterk pleidooi voor het individueel beoordelen van homoseksuelen als mens. Zijn pleidooi, kort maar krachtig: ‘beoordeel mij op wat ik doe als mens en niet als homoseksueel. Wat ik doe tussen de 4 muren van mijn woning is privé.’

Het pleidooi van een andere: ‘bedenk bij alles wat je zegt over homoseksuelen dat je het wel hebt over mensen’.

Conclusies:

- De notoire homohaters uitgezonderd, is er breed respect voor homoseksuelen als mens. Echter: dit respect gaat lang niet altijd samen met de acceptatie van homoseksualiteit maar zou wel als basis kunnen dienen voor het creëren van acceptatie ;

- Voor velen staat de acceptatie van homoseksualiteit gelijk aan het accepteren van het onbekende. Dit onbekende staat weer gelijk aan onzekerheid. Onzekerheid over bijv. de effecten van adoptie door homoseksuele stellen. Kennis over deze effecten zou de houding t.o.v. homoseksuelen positief kunnen beïnvloeden.

 

 

Verslagen 2010-2011