Meer begrip
Dialoog homoseksualiteit en religie
2 juni 2008 vond er een dialoogbijeenkomst over homoseksualiteit en religie plaats in de Salvatorkerk in Arnhem. De studiegroep Bijbel en Koran, en de studiegroep van Humansitisch Verbond kwamen samen om verdieping te zoeken in het onderwerp levensbeschouwing en homoseksualiteit.
Voor wie was de bijeenkomst bedoeld?
De studiegroep Bijbel en Koran bestaat ongeveer zeven jaar en komt eenmaal per maand bijeen in de Salvatorkerk in Arnhem. De groep staat onder begeleiding van predikant Pierre Eijgenraam (PKN). De deelnemers zijn niet alleen christenen uit verschillende kerken, maar ook andere gelovigen en humanisten.
Tijdens de bijeenkomsten lezen en vergelijken de deelnemers teksten uit de Bijbel en de Koran, op zoek naar overeenkomsten en verschillen in tekst, interpretatie en persoonlijke beleving, en naar wat zij hieruit over en van elkaar kunnen leren. De laatste tijd is er meer behoefte aan specifieke religieus-ethische thema's, om tot een verdere verdieping te komen. Een van die thema's is homoseksualiteit en religie.
Aan de dialoog namen achttien mensen deel. Onder hen elf christenen van diverse gezindten, vier moslims, één sofi, één jood en één humanist. Er deden evenveel mannen als vrouwen mee en de leeftijden laggen tussen de 25 en 80 jaar.
Hoe maak je het onderwerp bespreekbaar?
Door de vraag 'Hoe zou u reageren als uw eigen kind homoseksueel zou zijn?', begint het gesprek gelijk heel persoonlijk. Gevoelsmatige bezwaren (onwennig, niet zo opgevoed, het hoort niet zo) bij sommigen staan naast religieuze bezwaren (het mag niet van God/Allah) bij anderen, terwijl andere deelnemers weinig tot geen bezwaren hebben tegen homoseksualiteit.
De opvattingen lopen sterk uiteen, maar niemand zou zijn kind afwijzen als het homoseksueel zou zijn. Er bestaat eerder bezwaar tegen seks zonder gevoel en seksuele losbandigheid dan tegen een integere homoseksuele liefdesrelatie. Sommigen - met name de moslimdeelnemers - beschouwen homoseks als tegennatuurlijk.
De deelnemers zijn het erover eens dat het niet consequent is om het hebben van homoseksuele gevoelens wel toe te staan, maar de seksuele daad niet. Volgens de meesten is deze houding niet rechtvaardig. Later wordt het gesprek automatisch breder, en gaat het over het omgaan met relaties en seksualiteit en de seksualisering van de samenleving.
Wat ging er goed en wat kan er beter?
Door een aantal oorzaken verliep de avond anders dan gepland. Dit was gelukkig geen belemmering voor een goed gesprek. Zo bleek tijdens de inleiding dat de meerderheid van de deelnemers liever plenair over het onderwerk sprak dan in kleinere groepen. Als gevolg daarvan was er enige improvisatie nodig.
De inleiding over de Koran en islam kwam niet goed uit de verf, doordat de inleider zich in het gezelschap van moslims onzeker voelde over zijn kennis van de Koran, en doordat een Pakistaanse imam met een zeer dogmatische interpretatie van de Koran de inleider in de rede viel.
De vraag hoe de deelnemers het zouden vinden als hun eigen kind homoseksueel zou zijn, maakte het gesprek heel persoonlijk. Dit werkt, zeker als opening voor het gesprek, beter dan een theoretisch/theologische verhandeling over wat er in de verschillende geschriften staat. Als mensen vanuit hun gevoel reageren, praten ze minder snel vanuit principes of (religieuze) dogma's.
Over het geheel was de bijeenkomst zeer geslaagd. De deelnemers hebben serieus nagedacht en met elkaar van gedachten gewisseld over het onderwerp homoseksualiteit. De meningen liepen uiteen, maar er was respect en begrip voor de opvatting van de ander. De avond heeft geleid tot meer begrip en mogelijk een begin van een andere houding van sommigen ten opzichte van homoseksualiteit.
Meer begrip

